Creatine kinase verhoogd na training: wat is normaal voor een krachtsporter?
Een verhoogde CK na een zware trainingsweek is bij een krachtsporter in de regel geen bevinding maar een meting van je trainingsbelasting. CK zit in je spiercellen en lekt naar je bloed zodra die cellen mechanisch zijn belast, dus een waarde van een paar honderd tot ruim duizend U/L hoort bij iemand die serieus traint. De bovengrens die op je uitslag rood wordt, ligt bij de meeste labs rond de 170 tot 200 U/L voor mannen, en dat getal komt uit een populatie die niet traint. In een groep atleten liep de bovengrens op tot 1.083 U/L bij mannen en 513 U/L bij vrouwen. Drie dingen bepalen of jouw uitslag iets betekent: hoeveel dagen er tussen je laatste zware sessie en de prik zaten, of de waarde bij een hermeting in een rustige week zakt, en of je klachten hebt. Donkere urine of zwelling die niet bij je sessie past, hoort bij een arts; een los hoog getal zonder klachten hoort bij een tweede meting.
Waarom CK stijgt van trainen
Creatinekinase is het enzym dat creatinefosfaat en ADP omzet in ATP. Het zit in grote hoeveelheden in skeletspier, hartspier en hersenweefsel, en in je bloed hoort het niet thuis. Komt het daar toch, dan is er celmembraan doorlaatbaar geworden. Bij een krachtsporter is de oorzaak daarvan vrijwel altijd de mechanische belasting van de sessie zelf.
Dat maakt CK een gevoelige maat voor belasting en een slechte maat voor schade in de medische zin. Het enzym komt vrij bij een beweging die je spier verlengt onder spanning, dus bij het laten zakken van een gewicht, bij bergafwaarts lopen en bij elke oefening die nieuw voor je is. Het reageert daarmee vooral op hoe ongewoon een sessie was en niet op hoe nuttig hij was.
Het laboratorium weet niet uit welk weefsel het enzym komt. Een verhoogde totale CK zegt dus dat er ergens spiercellen zijn opengegaan, en de context eromheen bepaalt welke. Bij iemand die vier keer per week onder een stang staat, is die context zelden onduidelijk.
Welke waarde hoort bij een atleet
De referentiewaarden op een uitslag zijn vastgesteld in een groep die representatief is voor de bevolking, en daar zitten vrijwel geen krachtsporters in. Wie die groep wel meet, komt op andere getallen uit. In de analyse van Mougios uit 2007 werden ruim vijfhonderd atleten geprikt, en daar lag het bereik tussen de 2,5e en de 97,5e percentiel op 82 tot 1.083 U/L bij de mannen en op 47 tot 513 U/L bij de vrouwen. De bovengrens voor een mannelijke atleet is daarmee ongeveer zes keer de bovengrens die je lab aanhoudt.
Een waarde van 600 U/L bij een sporter die twee dagen eerder beenwerk deed, is in dat licht een normale uitslag met een rood vinkje ernaast. De schrik die zo'n uitslag oplevert komt niet uit de fysiologie maar uit de vergelijking met de verkeerde groep.
Wat we bij intakes zien. Bij de atleten die bij ons binnenkomen met een huisartsuitslag waarop CK rood staat, is de verhouding bijna altijd dezelfde: er is in de vier dagen voor de prik gewoon getraind, en de aanvraag bestond uit CK zonder dat er iets naast staat waarmee je de waarde kunt plaatsen. Bij de atleten die we na zeven rustige dagen opnieuw laten prikken, zakt CK bij het overgrote deel met de helft of meer, en bij een deel komt hij binnen het gewone bereik. De uitslag die overblijft bij wie niet zakt, is de uitslag waar het gesprek over hoort te gaan, en dat is een kleine minderheid.
Hoe lang de verhoging aanhoudt
Voor een gebruikelijke sessie bij een getrainde atleet is CK na ongeveer vierentwintig uur op zijn hoogst en zakt hij daarna met rust weer weg. Brancaccio en collega's zetten in hun overzicht uit 2007 in British Medical Bulletin diezelfde termijn neer, met als aantekening dat de hoogste waarden niet bij korte zware sessies vallen maar bij langdurige inspanning en bij werk waarin de spier onder spanning verlengt.
Bij een ongewone belasting loopt die termijn flink op. In de studie van Pettersson en collega's uit 2008 deden vijftien gezonde mannen zonder krachttrainingservaring één sessie van een uur. CK, myoglobine, ASAT en ALAT stegen daarna allemaal fors, en zeven dagen later stonden ze nog steeds verhoogd. Dat is één sessie bij mensen die er niet aan gewend waren.
Voor de praktijk volgt daar een rekenregel uit. Heb je in je gewone programma getraind, dan is drie dagen rust voor de prik genoeg om een bruikbare waarde te krijgen. Was het je eerste week na een pauze, heb je van programma gewisseld of heb je veel nieuw werk gedaan, dan is zeven dagen de ondergrens en soms nog te kort. Een uitslag uit een week waarin je gewoon hebt doorgetraind, levert geen informatie op die je ergens voor kunt gebruiken.
Waarom twee atleten met dezelfde sessie niet dezelfde CK hebben
De spreiding tussen personen is bij CK groter dan bij vrijwel elke andere waarde op een panel. Brancaccio en collega's beschrijven dat als een onderscheid tussen laag en hoog reagerende atleten: er zijn mensen bij wie CK chronisch laag blijft, en mensen bij wie dezelfde belasting een veelvoud oplevert. Dat verschil heeft met de aanleg van het spierweefsel te maken en niet met de kwaliteit van de training.
Trainingstoestand werkt daar nog eens doorheen, en in twee richtingen. Een getrainde atleet heeft doorgaans een iets hogere rustwaarde dan iemand die niet traint, omdat er altijd wel iets aan herstel bezig is. Tegelijk is de stijging na een vergelijkbare sessie bij een getrainde atleet kleiner, omdat weefsel dat gewend is aan die belasting minder openvalt. Hetzelfde effect zie je binnen één persoon: de tweede keer dat je een oefening doet, levert een lagere piek op dan de eerste keer.
De praktische gevolgtrekking is dat één CK-waarde van jou niets zegt over een CK-waarde van iemand anders, en dat jouw eigen reeks over de tijd het enige is wat bruikbaar is. Dat is dezelfde logica waarmee je je werkgewichten leest in plaats van ze met die van je trainingspartner te vergelijken. Waarom de prikkel in je training op belasting zit en niet op hoe kapot je bent, staat op onze pagina over progressieve overload.
Hoe je een hoge CK opnieuw meet
Een losse hoge waarde zonder klachten vraagt geen onderzoek maar een nette tweede meting. Houd deze punten aan.
- Zeven dagen zonder zware sessie. Lichte beweging mag; geen nieuw werk, geen zware excentrische belasting, geen eerste sessie na een pauze.
- Vraag er iets bij waarmee je de waarde kunt plaatsen. ASAT, ALAT, GGT en creatinine in dezelfde afname maken duidelijk of je naar spier of naar een orgaan kijkt.
- Nuchter, in de ochtend, hetzelfde lab. Bovengrenzen verschillen per methode, en bij een grenswaarde bepaalt dat of je uitslag rood of zwart is.
- Noteer wat je deed. Schrijf bij de uitslag welke sessies er in de tien dagen ervoor zaten. Zonder die aantekening is je reeks over een halfjaar niet te lezen.
- Geen alcohol in de drie dagen ervoor. Dat houdt de waarden die naast CK staan schoon.
Zakt CK bij die tweede meting duidelijk en staan ASAT, ALAT, GGT en creatinine netjes, dan was het je training. Blijft hij staan terwijl je echt rust hebt gehouden, dan hoort dat bij een arts. Op die lijst staan onder meer een schildklier die te langzaam werkt, een spierziekte, bepaalde cholesterolverlagers en een enkele keer een hartspieroorzaak, en geen daarvan los je met een trainingsaanpassing op.
Dezelfde verwarring speelt bij de leverwaarden, want ASAT lekt net als CK uit skeletspier. Hoe je met GGT en bilirubine uitmaakt of een verhoogd ASAT uit spier of uit je lever komt, staat in leverwaarden ASAT en ALAT verhoogd door sporten. Welke waarden er verder in een bruikbaar panel horen en in welke volgorde je ze leest, staat op onze pagina over bloedonderzoek voor sporters.
Wanneer je niet wacht op een tweede meting
Er is één situatie waarin een hoge CK geen administratieve kwestie is. Donkere, cola-kleurige urine, duidelijk minder plassen dan normaal, en spierpijn met zwelling die niet in verhouding staat tot wat je hebt gedaan, horen bij afbraak van spierweefsel waarbij de nier wordt belast. Dat hoort dezelfde dag beoordeeld te worden, en een coach heeft daarin geen rol.
Dat beeld valt vrijwel nooit bij een gewone sessie in een lopend programma. Het valt bij een eerste sessie na een lange pauze, bij een training in de hitte met weinig vocht, bij een sessie die veel langer duurde dan gebruikelijk, en bij groepslessen waarin tot uitputting wordt doorgegaan. Wie zich in die omstandigheden herkent en één van die klachten heeft, meet niet opnieuw maar belt.
Wat CK niet is
Het is geen maat voor de kwaliteit van je sessie. Een hoge CK zegt dat er spiercellen zijn opengegaan, en dat is iets anders dan een groeiprikkel. Een nieuwe oefening geeft een hoge piek met weinig opbrengst, en een oefening waar je al maanden mee progresseert geeft een lagere piek met de volle opbrengst. Wie zijn training afmeet aan de uitslag, stuurt op belasting in plaats van op aanpassing.
Het is ook geen maat voor spierpijn. Pijn en CK lopen in de tijd niet gelijk en de hoogte van de twee hangt maar zwak samen, dus de een voorspelt de ander niet.
En het is geen nierwaarde. Creatinekinase en creatinine lijken in naam op elkaar en meten iets anders; dat creatinesuppletie je creatinine optilt zonder dat er iets met je nier aan de hand is, is een verwarring die los staat van deze. Wat die twee waarden wel en niet zeggen staat uitgelegd op onze pagina over bloedtesten.
Een uitslag die je niet kunt plaatsen?
Bij New Breed leggen we je bloedwerk naast je trainingsbelasting, je dieetfase en je logboek, en zeggen we welke waarden bij jouw situatie horen en welke aandacht verdienen. Waar het medisch wordt, sturen we door.
Bronnen
- Mougios V. Reference intervals for serum creatine kinase in athletes. Br J Sports Med. 2007;41(10):674-678. PMID 17526622
- Brancaccio P, Maffulli N, Limongelli FM. Creatine kinase monitoring in sport medicine. Br Med Bull. 2007;81-82:209-230. PMID 17569697
- Brancaccio P, Limongelli FM, Maffulli N. Monitoring of serum enzymes in sport. Br J Sports Med. 2006;40(2):96-97. PMID 16431993
- Pettersson J, Hindorf U, Persson P, et al. Muscular exercise can cause highly pathological liver function tests in healthy men. Br J Clin Pharmacol. 2008;65(2):253-259. PMID 17764474
Over de auteur
Shandor de Prouw, Oprichter en hoofdcoach, New Breed Coaching. Meer over het team.